La Scuola

Erik Pool

 
 

‘Levenskunst is het leven naar je hand zetten, voor zover het in je vermogen ligt. Dat klinkt misschien erg egocentrisch maar is dat uiteindelijk niet. De eerste opgave is hoe dan ook: vaststellen wat er in je vermogen ligt. Jezelf – op dit punt – dus werkelijk kennen. Hoe je dat doet? Daar zijn een paar manieren voor. Kijken naar wat anderen hebben gezegd over waar een mens toe in staat is, bijvoorbeeld. Andere manier: voorbeelden, biografieën van andere mensen zoeken en zien hoever zij konden gaan. Een derde methode: voor mezelf mijn vermogen in mijn eigen context helder krijgen door terug te kijken in mijn eigen persoonlijke geschiedenis en vast te stellen waar ik dat vermogen - wellicht onbewust  - al heb gebruikt. De vierde manier is het uitproberen, zelf ontdekken wat er kan, wat jij kunt, waar je toe in staat bent rondom vraagstukken of gebeurtenissen die op je pad komen.


De tweede opgave is dat persoonlijke vermogen ten volle aan te wenden voor het doel dat je je zelf in het leven stelt. Voor mij gaat het daarbij om zingeving: hoe maak ik mijn leven zinnig? Of: hoe geef ik mijn leven betekenis? Dat woord ligt dichterbij misschien. Ik ben geneigd te zeggen dat het leven zinnig maken of betekenis geven voor iedereen een morele opdracht is, iets universeels. Daar zijn we allemaal ook op aanspreekbaar. Dat uitgangspunt is voor mij cruciaal bij levenskunst, omdat levenskunst echt niet alleen over jezelf gaat maar ook over je verhouding met de mensen om je heen. Levenskunst is voor mij dus niet waardevrij. Je leven zin geven is die centrale waarde en wat zinnig of onzinnig is kent ook een maat, namelijk of jij zelf en anderen er iets aan hebben gehad.


Dus, mijn invulling van levenskunst bestaat uit de volgende elementen. Een: elk mens heeft tot taak zijn leven betekenis te geven. Twee: zingeving heeft naast de ontwikkeling van jezelf – want ook zelfrealisatie is zinvol - ook alles te maken met de betekenis die je voor anderen hebt of krijgt – wat je socialisatie kunt noemen of wat Manschot ‘sociale levenskunst’ noemt. Drie: om die betekenis aan mijn leven te kunnen geven moet ik mijn vermogen, mijn competenties, tot ‘betekenisgeving’ kennen en ontwikkelen, zodat ik mijn leven vanuit dit ideaal zoveel mogelijk naar mijn hand kan zetten en de vorm kan geven die bij dat ideaal past.


Voor mij geldt dus, dat ik de betekenis van mijn leven in mijn leven vind door mij te verhouden tot de ander, door er mee samen te leven. Dat hoeft niet groots en meeslepend te zijn. Klein en fijn mag ook, al houd ik zelf wel van het grote gebaar. Dat is een stijl die ook bij mij past, waar ik in elk geval niet bij voorbaat voor wegloop. Maar stijl is nou typisch iets wat voor iedereen verschillend is en die persoonlijk gevormd moet worden. Stijlvol leven maakt voor mij deel uit van levenskunst. Iedereen kiest naar eigen smaak zijn eigen stijl.


Het antwoord op mijn levensvragen zit in mijn leven, in mijzelf. Ik hoef dus niet bij een hogere macht of kracht buiten mij zelf te rade te gaan. Anders gezegd: ik vind de betekenis van mijn leven door met anderen samen te leven.


De interactie met de ander is er op gericht iets waardevols toe te voegen aan het leven van de ander, althans: de ander iets aan te bieden zodat dat mogelijk wordt. Daar wil ik toe bereid zijn, dat is een wezenlijk onderdeel van mijn levenshouding. Wat de ander accepteert, is aan de ander. Het draait dus om de bereidheid, niet in eerste instantie om de effectiviteit van het aanbod. Maar het is wel zo, dat ik mijn leven als mislukt zou beschouwen als elk aanbod op dit terrein per saldo afgeslagen zou worden. Daarom is levenskunst voor mij ook wel degelijk gericht op het ontwikkelen van effectief gedrag. Je wilt toch dat je inspanningen ergens toe leiden. Praktische doorwerking is vitaal voor een levenshouding die genoegdoening wil geven.


Een laatste element dat ik wil noemen is, dat je in je leven ook op zoek moet naar vreugde, naar zaken die je blij maken of een goed gevoel geven, om zo de energiebalans op orde te houden. Ik bedoel daarmee niet alleen als genot of feestvieren, al hoort dat er ook bij. Ik bedoel vooral echte, diep gevoelde vreugde. Die niet-oppervlakkige vreugde is voor mij ook een indicatie van het behalen van de doelen rond zelfrealisatie en socialisatie. Als ik voel dat die doelen weer wat dichterbij komen, dan word ik daar blij van, ook als ik midden in een moeilijke levensfase zit of met een lastige taak bezig ben. Het kan bijvoorbeeld zwaar zijn om iemand te troosten na het overlijden van een dierbare, maar tegelijk kan het ook veel nieuwe levensvreugde geven. En hard bikkelen om je examen te halen kan zwaar zijn, maar de voldoening is des te groter als het achter de rug is.

Ik bouw daar dan ook graag een lekker feest omheen, want het ritueel van de vreugde neem ik net zo serieus als rouwgebruiken of trouwceremonieën, om maar eens wat te noemen. Onderschat ook niet de lading en diepgang die rituelen kunnen hebben. Het openen van een bijzondere fles wijn op de laatste avond voor je verjaardag kan een prachtige gewoonte zijn die troost geeft en blij maakt. Levenskunst is dus ook wel degelijk een zaak van genieten en plezier hebben. Ik denk dat strijd en geluk, verdriet en feest, rouwen en lief hebben elkaars tegenpolen zijn die zonder elkaar niet bestaan; althans: niet in mijn levenskunst.’




Zie ook: www.werkmetlef.nl

over levenskunst

Erik is een verbinder pur sang. Hij creëert een open en onderzoekende sfeer en weet individuen en groepen tot ‘nieuw denken’ te bewegen. Erik is sterk in het samen aanboren en ontwikkelen van nieuwe mogelijkheden en (denk)richtingen en weet deze conceptueel te verbinden. Zijn gevarieerde achtergrond en ervaring maken hem voor bestuurders en beslissers een gesprekspartner op niveau.


In persoonlijke gesprekken verleidt hij mensen tot innerlijk onderzoek: vragenderwijs, speels en prikkelend vanuit de klassieke filosofische traditie. Erik specialiseerde zich in filosofische consultatie.  Hij studeerde filosofie aan de Internationale School voor Wijsbegeerte te Leusden, volgde daar de beroepsopleiding tot filosofisch consulent en de leergang Filosoferen in organisaties. Van huis-uit is Erik communicatie- en transitie-adviseur. Momenteel werkt als interim-manager aan veranderprocessen in het publieke domein. In 2008 richtte hij met zijn vrouw Ria La Scuola op, waarin alle opgedane ervaringen op persoonlijk en professioneel vlak samenkomen.


In 2010 startte hij het totaalwerk ‘Zoeken naar zin. Vijftien essays over levenskunst en zingeving’. Het biedt naast een theoretische reflectie op de betekenis van de klassieke filosofie anno ‘nu’ vooral een praktisch handvat voor zelfonderzoek naar levensvragen van alledag. ‘Zorg jij goed voor jezelf?’ is als eerste deel in 2011 gepubliceerd. In 2012 volgde ‘Voel jij je vrij?’ en ‘Durf jij te voelen?’. Erik verzorgt workshops en lezingen over levenskunst en ‘Zoeken naar zin’.


Over zijn levensideaal


‘Ik wil mijn leven betekenis geven. Dat doe ik door de vraag te stellen: hebben andere mensen iets aan mijn leven gehad? Als dat beperkt blijft tot familie en vrienden, wat wel de eerste kring is waarbinnen ik die erkenning graag verwerf, dan is dat voor mij niet genoeg. Iets voor anderen betekenen is meer dan helpen of concreet steun bieden als dat nodig is.


Ik vind het ook zeer bevredigend en zinnig als anderen over iets wat ik doe positief oordelen en het als voorbeeld of inspiratie zien voor henzelf. Dat gaat eigenlijk om kleine, eenvoudige dingen: tijd nemen voor een goed boek, of solliciteren als de tijd er rijp voor is. Of, echt aandacht geven aan mijn zoon als hij advies wil over een studiekeuze, of als we samen naar Ajax willen kijken. In dit rijtje horen ook de feestjes die wij graag geven zodra er een aanleiding voor is. En dan bedenken we er een bijzondere, creatieve vorm bij. Als anderen mij teruggeven dat ik laat zien ‘hoe het ook kan’, dan geeft dat extra betekenis aan de dingen die ik doe. Dat maakt gelukkig.


Ik denk oprecht dat wat door filosofen en denkers levenskunst wordt genoemd, voor iedereen veel kan betekenen. Dat mensen er mee geholpen kunnen zijn. Levenskunst is ontstaan in de oudheid als een praktische toepassing van filosofie. Als we nu aan filosoferen denken, associëren we dat snel met wegzweven, mooie woorden en weinig daden. Plato en Aristoteles dachten daar heel anders over, net als moderne denkers als Foucault, Sartre en Nietzsche. Levenskunst stelt gewetensvolle vragen over het leven van alledag. Heerlijk, moeilijk en bevrijdend om daar de tanden in te zetten en een academie omheen te bouwen. Het geeft me bovendien een platform om te schrijven, gedachten aan papier toe te vertrouwen.


Ik houd van schrijven. Pas sinds kort begrijp ik dat het articuleren van gedachten en het delen ervan met anderen tot een kernactiviteit van de levenskunst wordt gerekend. Alleen al daarom is levenskunst voor deze schrijflustige man de moeite van het beoefenen waard.’

















zijn profiel

Het antwoord op mijn levensvragen zit in mijn leven, in mijzelf.